website door Carlos Gallupa

Bobo's in de bush

We kennen het allemaal. Wanneer we een stukje kipfilet, een biefstukje of hamburger bij de slager kopen, zitten we er doorgaans totaal niet mee dat dit eens een levend wezen was. We gooien achteloos wat worstjes, paté of achterham in ons boodschappenkarretje, werpen nog wat kippenkluifjes op de barbecue en schenken nog een glaasje wijn in. Niets aan de hand. Behalve dat we tijdens het boodschappen doen hooguit met een schuin oog nog even kijken naar de prijs op de verpakking. Liever goedkoop dan duur, nietwaar?

Het aangename van vlees kopen in de winkel of bij de slager, is dat het zo lekker weinig lijkt op het beest dat het ooit was. Die afstand maakt dat we min of meer gewetenloos een hap van onze gehaktbal kunnen nemen. Maar wat nu als diezelfde koe vol vertrouwen op ons af komt lopen in de wei en ons – al herkauwend - recht in de ogen kijkt? Wie is op zo’n moment dan in staat die koe van het leven te beroven om er vervolgens een lekker gehaktballetje van te draaien? ‘Laat die koe maar lekker leven’, zo zal menigeen denken. ‘Zo belangrijk is dat gehaktballetje nu ook weer niet.’ En dat is ook precies de reden dat de ‘bobo’s in de bush’ aanvallen van hysterie krijgen zodra een kip de nek om wordt gedraaid. Ineens wordt duidelijk waar ons vlees vandaan komt. Ineens krijgt ons kippenknurfje een ‘gezicht’.

Intensieve veehouderij

Misschien voert de vergelijking een beetje ver, maar in organisaties is in feite hetzelfde aan de hand. Zodra managers het maar kunnen hebben over omzetten, aantallen, organisatieschema’s en spreadsheats, bestaat er voldoende afstand tussen hun acties en de daadwerkelijke mensen in de organisatie. Intensieve menshouderij, zo noemt Jaap Peters dit fenomeen. ‘Hoeveel voer moet erin om hoeveel vlees te krijgen?’ En zolang die afstand er is, hebben de mensen geen gezicht. Wanneer er maar genoeg regels, protocollen en procedures zijn, dan is saneren heus zo ingewikkeld en pijnlijk niet. Dan vormt het eenvoudigweg een zakelijk onderdeel van een nog groter zakelijk plaatje. Maar wie de moed heeft stil te staan bij wat er gaande is, moet toch echt concluderen dat het ook in bedrijven om heuse mensen van vlees en bloed gaat. Mensen met hun eigen verlangens, wensen en problemen. En daar zouden we – net als met dieren – zorgvuldig en met respect mee moeten omgaan.



Terug naar overzicht